Hans Tuerlinckx

Kloostergangen

Het landschap is voor Hans Tuerlinckx nooit zomaar een decor. Het is een plek vol verhalen, sporen en betekenissen. Als landschapsarchitect en kunstenaar onderzoekt hij hoe mensen zich verhouden tot de ruimte waarin ze leven en hoe een ingreep een landschap anders kan laten ervaren.

In zijn werk zoekt Tuerlinckx voortdurend naar de dialoog tussen wat er al is en wat eraan wordt toegevoegd. Een bos, een rivier, een boomgaard, een brug of een historische plek vormt het vertrekpunt voor een nieuwe manier van kijken. Zijn ingrepen proberen het landschap niet te overschrijven, maar maken bestaande kwaliteiten zichtbaar en voelbaar.

Een belangrijk begrip binnen zijn praktijk is het baken. Bakens zijn herkenbare punten in het landschap: plekken die de aandacht trekken, oriëntatie bieden en mensen uitnodigen om ergens naartoe te gaan. Ze kunnen een landschap leesbaarder maken, maar creëren tegelijk ook een moment van ontmoeting en beleving. Het baken markeert niet alleen een plek, het geeft die plek betekenis.

Dat idee vinden we terug in verschillende projecten van Tuerlinckx. In het Bomenpad in Werchter brengt een verhoogd wandelpad bezoekers letterlijk tussen de boomkruinen. In Hoegaarden verwijst Pallox naar de geschiedenis van de fruitteelt en wordt een herkenbaar element uit het landschap uitvergroot tot een monumentale plek van waaruit de bezoeker het Hageland kan beleven.

Ook in het Meetshovenbos in Aarschot vertaalt Tuerlinckx zijn fascinatie voor landschap, spel en ontmoeting naar een ingreep die bezoekers uitnodigt om de omgeving op een andere manier te ervaren. Het landschap wordt geen passieve achtergrond, maar een plek om te bewegen, te ontdekken en te beleven.

Zijn praktijk sluit nauw aan bij de traditie van land art, waarin kunstenaars het landschap zelf als materiaal en werkterrein beschouwen. Natuurlijke materialen en landschappelijke structuren krijgen daarbij een nieuwe betekenis. Tuerlinckx heeft onder meer een bijzondere affiniteit met steen. De techniek van dry stone walling, waarbij stenen zonder mortel worden gestapeld, verbindt vakmanschap met landschap. De muur is tegelijk constructie, sculptuur en onderdeel van de omgeving.

Ook de stenen cirkel in de museumtuin vormt vanuit die gedachte een bijzonder werk. Door eenvoudige, natuurlijke materialen op een heldere manier te ordenen, ontstaat een plek die tegelijk sculpturaal en landschappelijk is. De cirkel trekt de blik, markeert een plaats en nodigt uit om er even bij stil te staan.

Daarin ligt misschien wel de essentie van Tuerlinckx' werk: hij maakt geen objecten die toevallig in een landschap terechtkomen. Hij zoekt naar ingrepen die een relatie aangaan met de plek. Soms subtiel, soms monumentaal, maar steeds met aandacht voor schaal, materiaal, geschiedenis en de ervaring van de bezoeker.

 

Vanuit die achtergrond krijgt ook zijn artistieke praktijk vorm. De landschapsarchitect, de maker en de kunstenaar vallen bij Tuerlinckx steeds meer samen. Zijn werk beweegt zich tussen ontwerp en sculptuur, tussen architectuur en land art, tussen natuur en menselijke ingreep.

Voor deze tentoonstelling keert Tuerlinckx terug naar de museumtuin en naar het landschap als artistiek vertrekpunt. Wat er precies zal ontstaan, ligt nog open. Maar de principes die zijn werk kenmerken, zijn herkenbaar: een plek markeren, de blik sturen, mensen aantrekken en een landschap opnieuw laten beleven.

Een baken is uiteindelijk meer dan een herkenningspunt. Het is een uitnodiging: kijk hier. Kom dichterbij. Blijf even staan.


Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Goed voor uw culturele gezondheid.